Op Wereldkankerdag wens ik…

February 2, 2024

Share this article

Facebook icon

.st0{fill:#00857C;} X icon

Linkedin icon

Email icon

Op 4 februari is het Wereldkankerdag. Als ik een wens zou mogen doen op deze dag, dan wens ik dat kanker geen gevaar meer vormt. Ik wens dat mijn collega’s en vrienden geen enge testuitslagen krijgen die hun wereld op zijn kop zetten. Ik wens dat mijn dochters kunnen opgroeien zonder angst voor een knobbeltje, kuchje of rare moedervlek. Ik zou wensen dat mijn familie niet bekend was met het verwoestende effect van kanker. En ik zou graag willen dat mijn lievelingstante nog in leven was.

Helaas zijn mijn wensen niet realistisch, dus hoe nu verder? Als directeur oncologie van MSD Nederland is Wereldkankerdag een extra moment om na te denken: over de uitdagingen waarmee mensen die leven met kanker en hun families te maken hebben, en om mezelf opnieuw in te zetten voor het bieden van de best mogelijke zorg. Omdat ik inmiddels in een paar landen heb gewoond, kan ik zeggen dat het Nederlandse gezondheidszorgsysteem tot de beste ter wereld behoort. Dit betekent dat we de kans en de verantwoordelijkheid hebben om het voortouw te nemen bij het verbeteren van de levens van kankerpatiënten. Daarom zet ik op deze Wereldkankerdag mijn eigen wensen even opzij en focus ik op zaken waar we samen aan kunnen werken.

Patiënten hebben toegang tot innovatieve kankerbehandelingen zodra ze beschikbaar zijn
Tijd is van cruciaal belang als het gaat om de behandeling van kanker. Daarom moeten we ervoor zorgen dat patiënten zo snel mogelijk toegang krijgen tot de meest geavanceerde therapieën. Het proces voor het verkrijgen van goedkeuring en vergoeding voor innovatieve behandelingen kan echter langdurig en complex zijn. Laten we ons best doen om dit proces te stroomlijnen, in nauwe samenwerking met regelgevende instanties en zorgverzekeraars, om de toegang tot de allernieuwste behandelingen te versnellen. Door dit te doen bieden we patiënten de beste kansen op succesvolle resultaten. Moeten de kansen van een patiënt op een beter leven afhangen van de duur van processen en procedures? Nee, ik vind van niet.

Artsen erkennen de waarde van vroege behandeling
De manier waarop we kanker behandelen is de afgelopen decennia enorm veranderd. Waar we vroeger vooral het leven van patiënten met gemetastaseerde ziekte konden verlengen, zien we nu een verschuiving naar het behandelen van eerdere stadia van kanker met de mogelijkheid tot genezen. Onderzoek toont aan dat behandeling in steeds vroegere stadia een cruciale rol speelt bij het verbeteren van de vooruitzichten voor patiënten. Vroegtijdige behandeling kan progressie en terugkeer van ziekte voorkomen. Dat zorgt voor effectievere behandelingsopties, minder lijden en betere overlevingskansen voor patiënten. Laten we deze ontwikkeling als samenleving nog meer benutten. Want hoeveel van onze dierbaren zouden hier vandaag de dag nog zijn als ze de kans op genezing hadden gehad?

Nederland heeft de beste kankerzorg in Europa
Ons land staat bekend om het uitstekende gezondheidszorgsysteem, maar we moeten nog hoger mikken. Laten we samenwerken om te zorgen dat Nederland wordt erkend als Europees koploper op het gebied van kankerzorg. Om dit te bereiken moeten we de samenwerking tussen gezondheidszorgprofessionals, onderzoekers en patiëntenorganisaties nog meer bevorderen. Door kennis te delen, de nieuwste wetenschappelijke ontwikkelingen te omarmen en de stem van de patiënt mee te nemen in alles wat we doen kunnen we onze behandelmogelijkheden blijven verbeteren en personaliseren. Laten we deze kans grijpen om te innoveren en een gezondheidszorgsysteem te bouwen dat de norm voor Europa stelt.

‘Verder leven met kanker’ is het thema van deze Wereldkankerdag: iets wat voor steeds meer mensen mogelijk is als we een stevige ambitie nastreven en wanneer alle betrokkenen samenwerken. Als we dat doen, dan zijn mijn eerdere wensen misschien toch niet zo onrealistisch. We krijgen degenen die we door kanker zijn kwijtgeraakt weliswaar niet meer terug, maar laten we er alles aan doen om er niet nog meer te verliezen.

Gary Sullivan
Business Unit Director Oncologie

bedrijfsinformatie

Iedere werkdag voelt voor mij als een geschenk

December 29, 2023

Share this article

Facebook icon

.st0{fill:#00857C;} X icon

Linkedin icon

Email icon

Om rivierblindheid in ontwikkelingslanden uit te roeien doneert MSD het geneesmiddel Mectizan.

Om rivierblindheid in ontwikkelingslanden uit te roeien doneert MSD het geneesmiddel Mectizan. Sinds 1987 zijn daarvoor bij MSD in Haarlem miljarden tabletjes gemaakt en Michael Oladusu (56) werkt daar al ruim 22 jaar als Operator aan mee. Iedere werkdag is voor hem speciaal en daar heeft hij een zeer persoonlijke reden voor.

In Afrika, Latijns-Amerika en Jemen lopen jaarlijks meer dan 100 miljoen mensen het risico om rivierblindheid op te lopen. Na de beet van een zwarte vlieg die zich ophoudt bij rivieren, komen larven van minieme wormpjes via de steekwond in de bloedbaan. Mensen met rivierblindheid kampen met ernstige jeuk en worden vaak blind, ziekteverschijnselen als gevolg van stervende larven die een aaneenschakeling van ontstekingsreacties veroorzaken. Mectizan (werkzame stof: ivermectine) doodt de larven en verlamt de volwassen wormpjes, zodat die zich niet meer kunnen voortplanten. Zo wordt voorkomen dat mensen ziek worden.

‘Ziekte van de rivier’

De enige Mectizan-fabriek ter wereld staat in Haarlem, daar worden alle tabletten geproduceerd en verpakt door een klein, ervaren team. “We voelen ons allemaal heel erg betrokken bij ons werk”, vertelt teamlid Michael Oladosu. “Iedereen staat voor elkaar klaar en we helpen elkaar waar en wanneer dat nodig is. Waar ons teamwork toe leidt? Sinds 2019 kunnen we als team meer dan een miljard tabletten per jaar maken, dit jaar behaalden we die mijlpaal al op 7 november…”

Voor Michael is zijn werk bij MSD extra speciaal. Zijn familie komt uit Nigeria, het meest endemische (met de meeste geografische verspreidingsgebieden) land voor rivierblindheid ter wereld. “Dertig jaar geleden kwam ik naar Nederland, ik ontmoette de liefde van mijn leven, we stichtten ons gezin en door een samenloop van omstandigheden vond ik uiteindelijk een fijne baan bij MSD.”

“Ik werkte vier jaar in het Mectizan-team toen ik op familiebezoek was in Nigeria. Mijn familie leeft in een afgelegen dorp bij een rivier en mijn moeder vertelde toen over twee ooms die getroffen waren door de ‘ziekte van de rivier’. Pas later, toen ik weer terug was in Nederland, viel het kwartje: met mijn werk draag ik direct bij aan de strijd tegen de ziekte die mijn ooms blind hebben gemaakt!”

“Alsof het zo heeft moeten zijn. Sinds ik dit weet voelt iedere werkdag voor mij als een geschenk. Als ik bij MSD aankom om te gaan werken voel ik me anders, opgewekt, vrij in mijn hoofd, vol energie. Puur door het feit dat ik mag bijdragen aan het voorkomen van ziekte bij mensen die geen geld hebben voor dit geneesmiddel en het mede door ons werk en MSD tóch krijgen!”

Mectizan Donatie Programma

Zij die Mectizan het meest nodig hebben, zijn het minst in staat om ervoor te betalen. Daarom kondigde MSD in 1987 aan om het geneesmiddel te gaan doneren voor behandelingen in landen waar de ziekte voorkomt, ‘for as long as needed, to as many as needed.’

Het Mectizan Donatie Programma, een samenwerkingsverband tussen MSD, WHO, UNICEF en andere organisaties heeft inmiddels de behandeling mogelijk gemaakt van vele miljoenen mensen. Talloze gevallen van blindheid zijn voorkomen en lokale economieën bloeiden mede daardoor weer op. Kinderen hoefden immers niet meer voor hun hulpbehoevende (groot-)ouders te zorgen en miljoenen hectares vruchtbaar akkerland konden opnieuw in gebruik worden genomen. Michael heeft het allemaal met eigen ogen zien gebeuren. “Jongere mensen krijgen de ziekte van de rivier nu niet meer.”

Nederland is nu zijn thuis, maar de bescheiden en goedlachse MSD-operator is nog altijd zeer betrokken bij het wel en wee van zijn naasten in Nigeria. Zo droeg hij bij aan de komst van een watervoorziening, een kilometer van de ‘ziekmakende’ rivier. Ook stuurt hij iedere maand wat geld, zodat kinderen naar school kunnen.

“Ik vind dat de wereld wakker moet worden en dingen eerlijker moet gaat delen. Zodat er nog veel meer geneesmiddelen terechtkomen bij mensen zoals m’n ooms. Een leeft er nog, hij is nu 95 en blind sinds zijn veertigste. Sindsdien is zijn leven en dat van zijn hele familie, allemaal boeren, heel zwaar. Ik kijk ernaar uit om hem weer te ontmoeten. Liefst al tijdens zijn leven op aarde, en anders daarna…”

Goed nieuws

In 2013 kreeg Colombia als eerste land ter wereld de officiële bevestiging dat rivierblindheid in eigen land was uitgeroeid. En inmiddels zijn ook Ecuador, Mexico en Guatemala vrij van rivierblindheid. Studieresultaten lijken uit te wijzen dat de ziekte na 15 à 17 jaar behandelen niet of nauwelijks meer terugkomt. Daarmee, en dankzij de voortgaande Mectizan-donaties van MSD, komt de wereldwijde uitroeiing van rivierblindheid in zicht.

Ook uit Nigeria kwam er begin dit jaar goed nieuws. Michael: “Voor vier extra staten heeft men, 27 jaar na de start van het Mectizan Donatie Programma, besloten om te stoppen met het massaal toedienen van Mectizan. Een beslissing die bijna 19 miljoen mensen aangaat! In deze staten is de overdracht van rivierblindheid onderbroken en daarom kan behandeling daar worden gestopt.”

“Dit is de grootste stop-behandelingsbeslissing in de geschiedenis van de wereldwijde campagne tegen rivierblindheid en komt bovenop eerdere behandelsuccessen in Nigeria. Vandaag de dag hebben meer dan 28 miljoen mensen in Nigeria geen behandeling meer nodig. Kijk, daar doen mijn Haarlemse MSD-teamgenoten en ik het allemaal voor!”

Link naar de korte video over de Mectizan-productie

Is overleven beter dan genezen? “We moeten breder kijken dan overlevingsduur”

December 11, 2023

Share this article

Facebook icon

.st0{fill:#00857C;} X icon

Linkedin icon

Email icon

Als coassistent liep ik rond op de oncologie afdeling en ik trof daar een jonge moeder met een uitgezaaid melanoom. Nog maar kort daarvoor was de diagnose gesteld, nu lag zij op haar sterfbed. Opgenomen omdat het thuis niet meer ging. Uitgezaaid melanoom was in die tijd een bijna zeker doodsvonnis. Tijdens mijn opleiding tot arts en later tot oncoloog, veranderde de behandeling van melanoom langzaam. Verschillende innovatieve behandelmogelijkheden brengen met zich mee dat de behandeling van melanoom een belangrijke vlucht heeft doorgemaakt. Het feit dat ik als oncoloog meer behandelopties kon bieden aan dergelijke patiënten dan ik mij ooit had voorgesteld als coassistent, maakt mij trots op de innovatiekracht van de geneesmiddelenindustrie.

Innovatie en vooruitgang brengen naast nieuwe mogelijkheden ook onzekerheden met zich mee. Het loslaten van zaken of gedrag waar we aan gewend zijn geraakt en het aanleren van nieuw gedrag, zorgt voor deze onzekerheid. Vaak duurt het enige tijd voordat mensen bereid zijn om deze overgang te durven en kunnen maken. Terwijl vooruitgang ons de mogelijkheden geeft om zaken nog beter, sneller of efficiënter aan te pakken.  

Ook in de gezondheidszorg zien we dit terug, bijvoorbeeld in de behandeling van kanker. Als in het verleden kanker ontdekt werd bij een patiënt was die vaak al vergevorderd: gemetastaseerd, moeilijk te behandelen en met beperkt resultaat. Het belangrijkste behandeldoel bij deze patiënten was om hen zo lang mogelijk te laten overleven. Maar de vooruitgang in de geneeskunde en gezondheidszorg heeft niet stilgestaan: tegenwoordig zijn er zoveel meer mogelijkheden. 

Met de juiste preventieve maatregelen en vaccinaties kunnen veelvoorkomende vormen van kanker grotendeels voorkomen worden. Vroege screening maakt het mogelijk om kanker al in een vroeg stadium op te sporen. Dat is fantastisch nieuws voor patiënten, want in het algemeen leidt behandeling van kanker in een vroeg stadium tot een betere prognose dan als de behandeling in een laat stadium wordt gestart. In plaats van patiënten zo lang mogelijk te laten overleven met hun ziekte hebben wij dan als belangrijkste behandeldoel de genezing van de patiënt.

Zo ook waar het gaat om het evalueren van de (kosten)effectiviteit van nieuwe behandelingen. Daar was heel lang ‘Overall survival’ (OS) de gouden standaard: aan de hand van het aantal patiënten dat over een langere periode overleefde werd de effectiviteit van een behandeling bepaald. Het klopt: Overall Survival is een zeer belangrijk eindpunt.1 

Maar is OS het enige relevante eindpunt? In het bijzonder als genezing het doel van de behandeling is, bepalen we dan nog steeds de effectiviteit van een behandeling door primair te kijken naar de overlevingsduur? Door daaraan vast te houden kunnen we vooruitgang juist tegenwerken en patiënten onthouden van veelbelovende therapieën. Stel er is een nieuw middel tegen een vorm van kanker waarbij de gemiddelde overleving zonder behandeling 5 jaar is. Dit middel heeft de potentie om de patiënt te genezen. Als je jezelf enkel focust op totale overleving zul je langer dan 5 jaar moeten wachten om te zien of de inzet van het nieuwe middel de totale overleving verbetert. Maar in die 5 jaar staat de wereld niet stil, nieuwe patiënten krijgen de ziekte en willen graag een behandeling met een zo groot mogelijke kans op genezing.

Zijn er geen alternatieven om dit mogelijk sneller te doen? Ja die zijn er; je kunt gebruik maken van andere eindpunten zoals een verschil in tijd totdat de ziekte terugkomt (Disease Free Survival) of andere eindpunten.  Deze eindpunten zijn gebaseerd op het feit dat een patiënt veelal niet zomaar opeens komt te overlijden aan zijn ziekte, maar dat hier een gebeurtenis aan vooraf gaat; bijvoorbeeld de terugkeer van ziekte.

Stel nu dat bij het middel in ons gedachtenexperiment de ziekte na gemiddeld 1 jaar al dan niet terugkomt. Dan begin je dus al na dat eerste jaar mogelijk een verschil te zien in het al dan niet terugkeren van de ziekte, op basis daarvan kan je al een eerste inschatting maken of het middel effectief is. Dit betekent dus in potentie een tijdswinst van jaren waarin het middel beschikbaar komt als nieuwe behandeloptie voor patiënten. Patiënten die anders hadden moeten wachten tot de Overall Survival-data bekend was.

Als je een patiënt vraagt welke behandeling hij of zij wil dan is het antwoord veelal “de behandeling met de grootste kans op genezing” of “de behandeling die ervoor zorgt dat deze rotziekte nooit meer terugkomt” en niet “de behandeling die gepaard gaat met de langste totale overleving”. Waarom hebben wij als artsen dan vooral de voorkeur voor dat laatste? Is dat echt in het belang van de patiënt? Past dat binnen patient-centered care?

Kortom: de medische vooruitgang vraagt om een andere manier van denken en doen. Laten we hier dus ons voordeel mee doen: voor onze patiënten, gezondheidszorg en maatschappij.

1Overall survival: still the gold standard: why overall survival remains the definitive end point in cancer clinical trials – PubMed (nih.gov)

Een wereld zonder baarmoederhalskanker? ‘Ik ben ervan overtuigd dat het kan’

November 16, 2023

Share this article

Facebook icon

.st0{fill:#00857C;} X icon

Linkedin icon

Email icon

In Nederland ligt de HPV-vaccinatiegraad zorgwekkend laag. Dat vind ik een beangstigende ontwikkeling. Vaccinatie kan een enorm verschil maken in het voorkomen van baarmoederhalskanker en andere ziekten die door HPV worden veroorzaakt. De officiële doelstelling voor de vaccinatiegraad is 90% voor zowel jongens als meisjes1, maar de voorlopige percentages liggen momenteel veel lager. De bij het RIVM geregistreerde voorlopige deelname aan de eerste HPV-vaccinatie is 41% tot 58% voor jongens en 62% tot 75% voor meisjes2. Wat doen we in Nederland fout? Of belangrijker: hoe kan het (snel) beter?

In een eerdere blog schreef ik over mijn vriendinnen die baarmoederhalskanker hebben moeten doormaken. En de gevolgen daarvan. Nu denk ik aan mijn lieve collega M. die na het bevolkingsonderzoek werd ‘overvallen’ door een afwijkend uitstrijkje en moest worden behandeld tegen een voorstadium van baarmoederhalskanker. Door een combinatie van vaccineren, condoomgebruik en meedoen aan het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker hoeven de jongeren van nu dit niet meer mee te maken. Gelukkig kreeg mijn jongste dochter Valerie haar HPV-vaccin in mei van dit jaar (zie foto), mijn oudste kreeg het vaccin al eerder.

We moeten nu keuzes maken

Kan baarmoederhalskanker een ziekte van het verleden worden? Ja! Laten we een voorbeeld nemen aan Australië, dat afkoerst op eliminatie van aan HPV gerelateerde baarmoederhalskanker in 20353. Door stevige maatregelen en dito ambitie heeft Australië aanzienlijke vooruitgang geboekt in het verminderen van HPV-infecties en gerelateerde ziekten. Of kijk, dichter bij huis, naar mede-EU-lidstaat Zweden.4,5 Daar is men later begonnen dan in Australië, maar hoopt men deze ziekte aan de hand van een krachtig actieplan al voor 2030 te hebben geëlimineerd. En deze week stelde ook de Britse regering het doel om baarmoederhalskanker voor 2040 te elimineren6.

Krachten bundelen
Willen we als Nederland in de voetsporen van Engeland, Zweden en Australië kunnen treden, dan moeten we zorgen dat mensen meer weten over de risico’s van HPV en hoe je een infectie kunt voorkomen. Dit is een belangrijk eerste stap in het voorkomen van baarmoederhalskanker en andere ziekten die door HPV worden veroorzaakt. Als geneesmiddelenbedrijf proberen we daaraan bij te dragen, bijvoorbeeld via het informatieplatform Samen tegen HPV.

Laten we leren van de aanpak van andere landen. En ik weet zeker dat er ook in Nederland veel goede ideeën zijn. Dus laten we de krachten bundelen, bijvoorbeeld om beter te begrijpen wat mensen motiveert of juist tegenhoudt om deel te nemen aan een vaccinatieprogramma. Door samen te werken en deze drempels te verlagen, kunnen we direct effect hebben op de HPV-vaccinatiegraad en, als gevolg, het elimineren van onder meer baarmoederhalskanker. Ik ben ervan overtuigd dat het kan. Wie doet er mee?

Hanne Gerritsen
Director Business Unit Vaccines, MSD Nederland

[1] Website Tweede Kamer – Verslag debat Medische Preventie februari 2023 – geraadpleegd op 23 oktober 2023

[2] Website RIVM- Voorlopige cijfers deelname Rijksvaccinatieprogramma | Rijksvaccinatieprogramma.nl – geraadpleegd op 23 oktober 2023

[3] Website NLI/PubMed – Early effect of the HPV vaccination programme on cervical abnormalities in Victoria, Australia: an ecological study – PubMed (nih.gov) – geraadpleegd op 23 oktober 2023

[4] Economist Footprint – A global blueprint for cervical cancer elimination: learnings from Sweden – geraadpleegd op 23 oktober 2023

[5] Europese Commissie – Europe’s Beating Cancer Plan – geraadpleegd op 23 oktober 2023

[6] Website NHE – More vaccines and screenings to drive NHS’s 2040 cervical cancer elimination target | UK Healthcare News (nationalhealthexecutive.com) – geraadpleegd op 15 november 2023

NL-NON-02490

KankerVrijDag: ‘restschade’ na kanker vaak geen onderwerp van gesprek

October 26, 2023

Share this article

Facebook icon

.st0{fill:#00857C;} X icon

Linkedin icon

Email icon

Veel Nederlanders die genezen zijn van kanker kampen nog steeds met ‘restschade’ zoals van mentale en/of fysieke klachten[1]. Hoewel hun omgeving zich daar van bewust is, vraagt bijna de helft (44%) niet actief naar die problemen. Dat blijkt uit een representatieve steekproef in het kader van KankerVrijDag 2023.


Onderzoeksbureau DirectResearch vroeg ruim 800 Nederlanders van 18 jaar en ouder of zij iemand kennen in hun directe omgeving die kanker heeft overleefd. Twee op de drie ondervraagden kent dichtbij wel iemand die genezen is: een familielid (31%), een kennis (18%), een vriend of vriendin (13%), een collega (9%) of de partner (6%).

Het overgrote deel van de respondenten die iemand kennen in hun directe omgeving die kanker heeft overleefd (92%), weet dat survivors na genezing nog steeds problemen kunnen ervaren. Desgevraagd worden vermoeidheid en angst voor terugkeer van de ziekte het meest genoemd. Toch gaat maar iets meer dan de helft van de mensen (56%) daar het gesprek over aan: iets waar veel survivors juist wel behoefte aan hebben. Ook geeft ruim een derde (36%) aan nog nooit praktische of mentale steun te hebben aangeboden. Ruim de helft van de respondenten (55%) geeft aan dit vaker te zullen doen, nu ze weten dat kankervrij niet klachtenvrij betekent.

Oprechte vragen

Volgens Cristina Guerrero Paez, directeur van Borstkankervereniging Nederland, overleeft bij borstkanker ongeveer 90% van de patiënten de diagnose en de behandeling[2]. Dat is heel erg fijn, maar helaas vaak wel met allerlei klachten en late gevolgen -zowel lichamelijk als psychisch,” aldus Cristina Guerrero Paez, directeur van Borstkankervereniging Nederland. “We horen regelmatig dat mensen niet weten hoe ze het gesprek moeten aangaan, maar uit ervaring weten we dat alles goed is. Een oprechte vraag over hoe het met iemand gaat, helpt survivors weer verder.”

Survivors lopen tegen meer zaken aan in het leven na kanker, zeker degenen die wat jonger zijn. Zo is het afsluiten van verzekeringen en hypotheken soms nog problematisch, vertelt Anneke Eikelenboom van Stichting Jongeren en Kanker. “Als organisatie hebben we al veel bereikt om dit voor onze achterban te verbeteren, maar er is nog wel werk aan de winkel. Gelukkig krijgt dit een plek in de Nationale Kankeragenda die volgende maand wordt gelanceerd. En ook wij gaan ons nog meer inzetten voor gelijke kansen.”

Over KankerVrijDag
KankerVrijDag is een dag waarop Nederland viert dat steeds meer mensen tegenwoordig ‘kankervrij’ kunnen worden verklaard. Want hoewel steeds meer mensen de diagnose kanker krijgen[3], stijgt ook de kans dat je geneest of kunt leven met deze ziekte[4]. Op KankerVrij Dag vragen we daar aandacht voor deze positieve ontwikkeling én voor hoe mensen het leven na kanker ervaren. Want kankervrij is lang niet altijd klachtenvrij.

Naasten
Dit jaar staat de dag op vrijdag 27 oktober in het teken van naasten en de rol die zij kunnen spelen bij het steunen van iemand die kanker heeft gehad. Zij worden aangemoedigd om het gesprek aan te gaan met survivors en vaker te vragen hoe het gaat. Dat gebeurt via een mini-campagne op social media met tips en verschillende ervaringsverhalen.

Meer informatie is te vinden op www.kankervrijdag.nl

Initiatiefnemers
KankerVrijDag is een initiatief van MSD Nederland in samenwerking met Borstkankervereniging Nederland, Stichting Jongeren en Kanker, Vereniging Kinderkanker Nederland en KiKa.
Daarnaast wordt het initiatief mede uitgedragen door diverse (patiënten)organisaties, zoals Longkanker Nederland, AYA Jong en Kanker Foundation en Wegwijzer bij Kanker.

NL-NON-02487


[1] Website IKNL – Meer dan 800.000 mensen leven met de gevolgen van kanker – laatst geraadpleegd op 23 oktober

[2] Website KWF – Overleving van kanker | KWF Kankerbestrijding – geraadpleegd op 19 okt 2023

[3] Website IKNL – Kans op kanker toegenomen naar 1 op de 2 Nederlanders (iknl.nl) – geraadpleegd op 19 okt 2023

[4] Website IKNL – Overleving kankerpatiënten stijgt, maar niet bij alle kankersoorten (iknl.nl) – geraadpleegd op 19 okt 2023

Over de grens

October 20, 2023

Share this article

Facebook icon

.st0{fill:#00857C;} X icon

Linkedin icon

Email icon

Er zijn gebeurtenissen die je hele leven een ander verloop geven. Voor mij gebeurde dat alweer 10 jaar geleden. De beste vriend van mijn man, laten we hem vanwege privacyoverwegingen ‘Ruben’ noemen, bleek longkanker te hebben. En zoals dat gaat bij vooral jonge kankerpatiënten – de ziekte greep heel snel om zich heen. Ruben wilde leven, hij had net een leuke vriendin (een raketgeleerde!) en de toekomst zag er goed uit. Maar de ziekte maakte keihard en onmiddellijk een einde aan zijn dromen.

Hij ging nog op zoek naar klinische studies om aan deel te nemen. Het gerucht was dat immuuntherapie een groot verschil zou kunnen maken. Hij vond er een in de Verenigde Staten en we zamelden geld in om het mogelijk te maken. Maar Ruben was al snel veel te ziek om te vliegen en de revolutie in de immuuntherapie kwam voor hem te laat.

Er was een moment dat ik hem nog zag, vlak voor zijn dood. Ik hield zijn hand vast: “Ik ben bang voor de dood,” zei hij. Die uitspraak en het zicht van een ernstig verzwakte Ruben, liggend in het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis, zijn me sterk bijgebleven.

Ruben stierf uiteindelijk op zijn 31ste. Hij werd begraven op mijn dertigste verjaardag. Het was prachtig weer, er vlogen straaljagers over bij wijze van laatste groet (Ruben was gek van vliegen) en mijn man droeg de kist samen met zijn vrienden. We gingen er doorheen in een waas, het leek alsof we in een jaren-90 muziekvideo waren beland. 

De laatste tijd moet ik vaak aan Ruben denken. Zonder hem, zou ik niet werken waar ik nu werk. Dankzij hem, heb ik elke dag de energie en de drive om te vechten voor andere patiënten, zodat zij toegang krijgen tot de middelen die zij nodig hebben. Ruben kon ze niet krijgen, omdat ze simpelweg nog niet beschikbaar waren. Nu zitten we echter in een situatie dat de middelen soms wel al bestaan, maar nog niet beschikbaar zijn omdat ze nog geen vergoedingsstatus hebben gekregen. Soms ten onrechte, omdat we wachten op bepaalde klinische data, onbegrijpelijk genoeg.

Zo is er bijvoorbeeld in het Nederlandse wetenschappelijke debat veel nadruk op bepaalde medische eindpunten: Overall Survival (OS). Hiermee wordt de effectiviteit van een behandeling bepaald aan de hand van het aantal patiënten wat over een langere periode overleefde. Dat is ergens begrijpelijk, want het is een mooi helder eindpunt. Alleen, als we daadwerkelijk mensen willen genezen – zonder terugkeer van ziekte – dan zijn deze eindpunten minder geschikt en zijn er andere eindpunten die gebruikt kunnen worden door de EMA. Want als we wachten op de zogeheten OS-data, dan kan het zomaar jaren duren voordat een behandeling beschikbaar komt in Nederland.

Nederland is een van de laatste landen in Europa zonder toegang tot deze middelen, waar het vroege behandelingen van kanker betreft gericht op genezing – en dat terwijl er reeds een prijsarrangement met VWS is vastgesteld met een maatschappelijk verantwoorde prijs.

We zien dat patiënten dan ook de grens over gaan om behandeling te krijgen – deze behandelingen zijn in België, Duitsland en Frankrijk al lang en breed beschikbaar. In Nederland bevinden zich momenteel honderden, zo niet duizenden mensen, in dezelfde situatie als onze Ruben ooit – alleen bestaan deze middelen nu wel. Laten we een open gesprek met elkaar voeren om deze patiënten te helpen en samen de toegang tot deze middelen verbeteren. 

Judith Zuijderhoudt
Director Policy, Communications & Population Health
Director Value & Patient Access a.i.

bedrijfsinformatie

Aandacht voor D&I, net zolang totdat het niet meer nodig is

October 6, 2023

Share this article

Facebook icon

.st0{fill:#00857C;} X icon

Linkedin icon

Email icon

Dankbaar kijk ik terug op de maand september, traditiegetrouw Diversiteit & Inclusie Maand bij MSD. Een maand waarin talloze collega’s activiteiten organiseerden om extra aandacht te vragen voor het bedrijf dat we willen zijn: een bedrijf waar iedereen die er werkt, compleet zichzelf kan zijn. Ook vanuit bedrijfsperspectief is dat van cruciaal belang. Mensen die ‘hun beste ik’ naar het werk brengen, zijn productiever, gelukkiger en tevredener. Daar ben ik van overtuigd.

In ons streven naar gelijke kansen voor iedereen, vieren we onze verschillen. We geloven in de kracht daarvan, of het nu gaat om leeftijd, afkomst, seksuele geaardheid, geloof of wat dan ook. Juist met dank aan die verschillen werken we nog beter aan onze belangrijke missie: baanbrekende wetenschap gebruiken om levens van mensen en dieren wereldwijd te redden en te verbeteren.

De kracht van D&I

In mijn internationale MSD-loopbaan heb ik de kracht van D&I al vaak mogen ervaren. Bijvoorbeeld in Turkije. Ik ben opgegroeid op het platteland van – het zeer diverse – Brazilië, ging in Sao Paolo studeren, liep stage bij MSD en vond daar ook mijn eerste baan. Na rollen in Brazilië, Nederland en Argentinië kreeg ik de kans om de MSD-site in Ankara te gaan leiden.

Van de ruim 100 werknemers was ik de enige die niet uit Turkije kwam, met een andere geloofsovertuiging en één van de zeer weinigen die Engels spraken, en ikzelf sprak ook geen Turks. Ondanks deze ‘drempels’ voelde ik me zeer welkom en gewaardeerd. Maar verdiende ik dat doordat ik ‘mijn beste ik’ meebracht, of kwam dat door de traditionele en hiërarchische lokale normen en waarden?

In het land waar onze dochter werd geboren besloot ik me flink te verdiepen in lokale culturen, geloof, (impact van de) ramadan, enzovoort. Aan de hand van wat ik leerde probeerde ik oprecht  verbinding te maken met mijn collega’s, een warme band op te bouwen en hen respectvol te bewegen om te zeggen wat ze echt van iets vonden. ‘Hoe zou jij het aanpakken als jij mij was?’

Er kwamen meer open conversaties, problemen werden beter zichtbaar en mensen kregen meer het gevoel er echt bij te horen. In de fabriek leidde dat tot meer productiviteit en betere scores op het gebied van veiligheid en kwaliteit. En meerdere collega’s is het daarna ook gelukt om internationale carrières op te bouwen. Dát is voor mij de kracht van diversiteit en inclusie.          

Het kan altijd beter…

Bij MSD in Nederland hebben we zeven ‘Employee Business Resource Groups’, afgekort EBRG’s: Women’s Network, Rainbow Alliance, Young MSD, Interfaith Organization, Asia Pacific Association, Capability Network en League of Employees of African Descent. Met verschillende doelen, maar dezelfde rode draad: het bevorderen van een werkomgeving waarin elke collega zich thuisvoelt, kan leren, kan groeien, zich veilig, gerespecteerd en gewaardeerd voelt, ongeacht iemands achtergrond.

Ook bij de werving van talent sturen we op diversiteit: in onze teams willen we mensen die hun eigen, unieke achtergrond meebrengen. Mensen die elkaar inspireren met verschillende perspectieven en ervaringen. In de huidige krappe arbeidsmarkt brengt ‘divers werven’ een extra uitdaging met zich mee, maar bij MSD zien we het juist ook als een kans. Oude heilige huisjes gaan soms al om, zoals de eis om Nederlands te kunnen spreken, of bepaalde diploma-eisen…

Doen we het bij MSD dan allemaal perfect? Zeker niet, het kan altijd beter. Ik ken de angst die je voelt als je niet gerespecteerd of aanvaard wordt. Ik leerde m’n lesje door nooit stil te blijven. Blijf je uitspreken, net zolang totdat goede inititiatieven zoals EBRGs en D&I-maand, niet meer nodig zijn.

Darcio Santos
Plant Manager MSD Animal Health Boxmeer

bedrijfsinformatie

MSD beëindigt in 2025 productie van immuuntherapie in Oss

September 28, 2023

Share this article

Facebook icon

.st0{fill:#00857C;} X icon

Linkedin icon

Email icon

Medio 2025 beëindigt MSD de productie van immuuntherapie in Oss en concentreert de productie van immuuntherapie op een beperkt aantal locaties buiten Nederland. Deze locaties werken volgens een aangepaste productiemethode en kunnen gezamenlijk in de volledige wereldwijde behoefte aan immuuntherapie van MSD voorzien. MSD is met verschillende partijen in gesprek over de toekomst van de site. Doel is om maximale werkgelegenheid én productie- en innovatiekracht voor Nederland te behouden.

MSD is in gesprek met verschillende partijen over de mogelijke verkoop van de site. Joost van Zutven, plantmanager: “Bij MSD Biotech in Oss hebben we inmiddels meer dan 25 jaar expertise opgebouwd in development en productie van biologicals. Dankzij die expertise hebben we onze output de afgelopen twee jaar significant weten te verhogen. Dankzij de kennis van onze mensen en een recente moderniseringsslag staat onze locatie er goed voor, met volop mogelijkheden om uit te breiden. Dat wordt door deze strategische beslissing niet anders. Ik zie de gesprekken met mogelijke kopers daarom met vertrouwen tegemoet.”

Groeiende vraag
Door de groeiende vraag naar immuuntherapie, heeft MSD de zogenaamde tweede-generatie productiemethode ontwikkeld. Inmiddels kunnen diverse productielocaties het middel maken volgens de nieuwe methode. Deze locaties hebben voldoende capaciteit om aan de wereldwijde vraag te voldoen. De fabriek in Oss gebruikt deze methode niet en heeft zich de afgelopen jaren gericht op het maximaliseren van de productie volgens de originele methode om aan de toegenomen vraag te kunnen blijven voldoen. De productie van immuuntherapie bij MSD Biotech in Oss zal in 2025 worden beëindigd.

Biotech in Oss
Ruim 25 jaar geleden behoorden wetenschappers uit Oss met de ontwikkeling van de vruchtbaarheidsbehandeling recombinant FSH tot de grondleggers van biotechnologie in Nederland. Dit pionierswerk was de basis voor een innovatief geneesmiddel tegen kanker: pembrolizumab, een van de eerste immuuntherapieën ter wereld. Sinds 2014 wordt het middel onder meer gemaakt bij MSD Biotech in Oss. Het groeide in tien jaar tijd uit tot de meest voorgeschreven immuuntherapie ter wereld.

Toekomst
De komende periode onderzoeken wij hoe we verder vorm geven aan de toekomst, uiteraard in overleg met de ondernemingsraad, de Raad van Commissarissen en de vakbonden. Momenteel is MSD met verschillende partijen in gesprek over de toekomst van de site. Naast het uitfaseren van de productie van immuuntherapie is MSD voornemens om een aantal lab-activiteiten op de locatie Moleneind in Oss te beëindigen en over te dragen naar andere sites. Wel blijft MSD in Oss actief met internationale (kantoor)functies.

Grootste farma-stad in Noord-Brabant
Dit jaar wordt in Oss gevierd dat de farma in de stad 100 jaar geleden begon. In die 100 jaar is enorm veel veranderd. Wat in 1923 begon met Organon, is inmiddels verworden tot Aspen, Pivot Park, Organon en MSD. De sector is altijd blijven groeien, en Oss is de grootste farma-stad in de provincie Noord-Brabant. Dat blijft ook na dit voorgenomen besluit het geval. MSD heeft altijd met trots in Oss geopereerd en geïnvesteerd, met blijvende impact: Oss is een levendige biofarmaceutische hub met bedrijven en kennisinstituten die zich richten op innovaties in de ontwikkeling van geneesmiddelen.

MSD in Nederland
MSD blijft het grootste geneesmiddelenbedrijf in Nederland, met locaties in Haarlem, Boxmeer, De Bilt en Oss. Al 100 jaar zijn we in Nederland actief betrokken bij gezondheid voor mensen én dieren. Met geneesmiddelen en vaccins voor de behandeling van de meest uitdagende ziekten die onze wereld bedreigen. Want levens redden en verbeteren dankzij baanbrekende wetenschap, dat is wat ons drijft.

We bieden innovatieve behandelingen voor een betere gezondheid van mensen en dieren en zijn actief betrokken bij een betere toegang tot gezondheidszorg. En we zoeken naar nieuwe behandelingen voor ziektes waar nog geen antwoord op is. MSD loopt nog steeds voorop in het onderzoek naar het voorkomen en behandelen van ziekten die mensen en dieren bedreigen, zoals kanker, infectieziekten (zoals HIV en ebola) en nieuwe dierziekten.

oncologie

‘Er komt steeds meer aandacht voor vermoeidheid bij kanker’

July 26, 2023

Share this article

Facebook icon

.st0{fill:#00857C;} X icon

Linkedin icon

Email icon

vermoeidheid kanker

Zoeken naar de balans tussen werking en bijwerking

Lisette Saveur

Lisette Saveur is verpleegkundig specialist bij het in kanker gespecialiseerde Antoni van Leeuwenhoek.* Ze werkt sinds haar negentiende in de zorgin verschillende functies bij het VUmc en het AZL (nu LUMC). Inmiddels is ze verpleegkundig specialist gespecialiseerd in neuro-endocriene tumoren (NET) en erfelijke darmkanker.

‘Neuro-endocriene tumoren zijn zeldzaam,’ vertelt Lisette. ‘Het is zo zeldzaam dat wij medisch specialisten, verpleegkundig specialisten en patiënten uit andere zorginstellingen altijd adviseren om voor de behandeling naar een kenniscentrum zoals het Antoni van Leeuwenhoek te verwijzen. Dat leidt niet alleen tot betere specialistische zorg en behandelopties voor de patiënt, maar ook tot een betere concentratie van kennis. Voor onderzoek heb je grote patiëntpopulaties nodig en die krijg je met zulke zeldzame aandoeningen alleen als je ze samenbrengt in één kenniscentrum.’


Sluipende aandoening

‘De functie van verpleegkundig specialist bij het neuro-endocriene tumoren (NET/NEC) centrum was destijds nieuw, wat inhield dat ik veel vrijheid kreeg om de zorg behandeling in te vullen. Doorgaans heb ik meer tijd voor de patiënt dan een medisch specialist, vooral voor het overdragen van kennis over hun specifieke aandoening en de impact hiervan op hun leven. Wat ik daarbij onder andere heel belangrijk vind is leefstijl, voeding en omgaan met vermoeidheid bij kanker.’

‘We besteden steeds meer aandacht aan de kwaliteit van leven, naar hoe we de juiste balans kunnen vinden tussen de werking en bijwerkingen van een behandeling. Genezen is voor veel van onze patiënten niet meer mogelijk. NET/NEC kanker wordt vaak pas in een vergevorderd stadium ontdekt. Het merendeel van de behandelingen zijn dus levensverlengend of palliatief.’

Vermoeidheid bij Kanker

Een relatief vaak voorkomende klacht bij kanker is vermoeidheid. ‘Het “Ik ben zo verschrikkelijk moe en kan ik daar iets aan doen?” is een veel gehoord probleem.’ Lisette legt uit dat er met de groeiende aandacht voor de kwaliteit van leven, ook steeds meer zorg voor vermoeidheid bij kanker komt. ‘Het is nog niet zo dat we vermoeidheid tijdens het multidisciplinair overleg bespreken. Je kunt het niet medisch behandelen. Maar het wordt in groeiende mate onderkend als probleem, vooral door verpleegkundig specialisten, oncologieverpleegkundigen en de jongere generatie artsen. Neemt niet weg dat meer kennis over het hoe en waarom van vermoeidheid belangrijk is voor iedereen in het zorgproces.  In het centrum Kwaliteit van Leven van het Antoni van Leeuwenhoek is er absoluut ruimte voor, en tijdens mijn spreekuur besteden we er desgewenst aandacht aan. Gelukkig spreken patiënten hun vermoeidheidsklachten ook steeds vaker uit.’  

‘Soms zit de vermoeidheid helemaal aan het begin, vlak voordat mensen een diagnose kanker krijgen. Maar het frappante is dat er ook mensen zijn die dat helemaal niet hebben. Bij hen is het weer een gevolg van hun dieet, de behandeling of juist van de kanker zelf. Bij sommige vormen van NET-kanker is heftige diarree een van de symptomen, daarmee verlies je voedingsstoffen en vocht, wat je weerstand en energieniveau beïnvloedt. Het helpt als je patiënten daar goed over kunt informeren.’

‘Bij het NET/NEC kenniscentrum bied ik patiënten momenteel meerdere ondersteuningsmogelijkheden. De eerste is natuurlijk psychosociale begeleiding. Wat bij patiënten ook goed werkt is oncologische fysiotherapie, hoewel niet elke patiënt dit vergoed krijgt door de zorgverzekeraar. Patiënten die kampen met spierspanningen geef ik – als ze daar voor open staan – soms yoga-oefeningen. Als ze die met enige regelmaat doen kan dat verlichting van klachten geven. Voor zelfredzame patiënten is er de Untire App, een online programma dat eigenlijk een combinatie van bovenstaande opties biedt. Patiënten kunnen hier thuis op hun eigen tempo mee werken.’

Meer weten over vermoeidheid bij kanker? Kijk op de website van Untire. Voor zorgverleners is een speciale e-learning beschikbaar over dit onderwerp.

*Het Antoni van Leeuwenhoek is een ENETS geaccrediteerd centrum voor patiënten met NET/NEC kanker en lid van de European Reference Network voor mensen met o.a. zeldzame darmkankersyndromen zoals Lynch en Polyposis.

oncologie

‘Er komt steeds meer aandacht voor vermoeidheid bij kanker’

June 8, 2023

Share this article

Facebook icon

.st0{fill:#00857C;} X icon

Linkedin icon

Email icon

vermoeidheid kanker

Zoeken naar de balans tussen werking en bijwerking

Lisette Saveur is verpleegkundig specialist bij het in kanker gespecialiseerde Antoni van Leeuwenhoek.* Ze werkt sinds haar negentiende in de zorg en is ooit begonnen met een inservice-A opleiding in het AZL (nu LUMC). Daarna werkte ze in verschillende functies bij het VUmc. Toch trok de praktische kant van het vak haar meer en inmiddels is ze verpleegkundig specialist gespecialiseerd in neuro-endocriene tumoren en erfelijke darmkanker.

‘Neuro-endocriene tumoren zijn zeldzaam,’ vertelt Lisette. ‘Het is zo zeldzaam dat wij medisch specialisten, verpleegkundig specialisten en patiënten uit andere zorginstellingen altijd adviseren om voor de behandeling naar een kenniscentrum zoals het Antoni van Leeuwenhoek te verwijzen. Dat leidt niet alleen tot betere specialistische zorg en behandelopties voor de patiënt, maar ook tot een betere concentratie van kennis. Voor onderzoek heb je grote patiëntpopulaties nodig en die krijg je met zulke zeldzame aandoeningen alleen als je ze samenbrengt in één kenniscentrum.’

Sluipende aandoening

‘De functie van verpleegkundig specialist bij het NET/NEC centrum was destijds nieuw, wat inhield dat ik veel vrijheid kreeg om de zorg behandeling in te vullen. Doorgaans heb ik meer tijd voor de patiënt dan een medisch specialist, vooral voor het overdragen van kennis over hun specifieke aandoening en de impact hiervan op hun leven. Wat ik daarbij onder andere heel belangrijk vind is leefstijl, voeding en omgaan met vermoeidheid bij kanker.’

‘We besteden steeds meer aandacht aan de kwaliteit van leven, naar hoe we de juiste balans kunnen vinden tussen de werking en bijwerkingen van een behandeling. Genezen is voor veel van onze patiënten niet meer mogelijk. NET/NEC kanker wordt vaak pas in een vergevorderd stadium ontdekt. Het merendeel van de behandelingen zijn dus levensverlengend of palliatief.’

Vermoeidheid bij Kanker

Een relatief vaak voorkomende klacht bij kanker is vermoeidheid. ‘Het “Ik ben zo verschrikkelijk moe en kan ik daar iets aan doen?” is een veel gehoord probleem.’ Lisette legt uit dat er met de groeiende aandacht voor de kwaliteit van leven, ook steeds meer zorg voor vermoeidheid bij kanker komt. ‘Het is nog niet zo dat we vermoeidheid tijdens het multidisciplinair overleg bespreken. Je kunt het niet medisch behandelen. Maar het wordt in groeiende mate onderkent als probleem, vooral door verpleegkundig specialisten, oncologieverpleegkundigen en de jongere generatie artsen. Neemt niet weg dat meer kennis over het hoe en waarom van vermoeidheid belangrijk is voor iedereen in het zorgproces.  In het centrum Kwaliteit van Leven van het Antoni van Leeuwenhoek is er absoluut ruimte voor, en tijdens mijn spreekuur besteden we er desgewenst aandacht aan. Gelukkig spreken patiënten hun vermoeidheidsklachten ook steeds vaker uit.’  

‘Soms zit de vermoeidheid helemaal aan het begin, vlak voordat mensen een diagnose kanker krijgen. Maar het frappante is dat er ook mensen zijn die dat helemaal niet hebben. Bij hen is het weer een gevolg van hun dieet, de behandeling of juist van de kanker zelf. Bij sommige vormen van NET-kanker is heftige diarree een van de symptomen, daarmee verlies je voedingsstoffen en vocht, wat je weerstand en energieniveau beïnvloedt. Het helpt als je patiënten daar goed over kunt informeren.’

‘Bij het NET/NEC kenniscentrum bied ik patiënten momenteel meerdere ondersteuningsmogelijkheden. De eerste is natuurlijk psychosociale begeleiding. Wat bij patiënten ook goed werkt is oncologische fysiotherapie, hoewel niet elke patiënt dit vergoed krijgt door de zorgverzekeraar. Patiënten die kampen met spierspanningen geef ik – als ze daar voor open staan – soms yoga-oefeningen. Als ze die met enige regelmaat doen kan dat verlichting van klachten geven. Voor zelfredzame patiënten is er de Untire App, een online programma dat eigenlijk een combinatie van bovenstaande opties biedt. Patiënten kunnen hier thuis op hun eigen tempo mee werken.’

Bent u een zorgverlener en wilt u meer weten over vermoeidheid bij kanker? > schrijf u dan in voor de e-learning.

*Het Antoni van Leeuwenhoek is een ENETS geaccrediteerd centrum voor patiënten met NET/NEC kanker en lid van de European Reference Network voor mensen met o.a. zeldzame darmkankersyndromen zoals Lynch en Polyposis.

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Tired of Cancer.