Biomarkers bij longkanker

WAT ZIJN BIOMARKERS

Wetenschappelijke ontwikkelingen gaan steeds sneller. Verschillende ziektes waaronder kanker, kunnen nu beter worden gediagnostiseerd en behandeld aan de hand van meetbare en  afwijkende veranderingen die zich in het lichaam voordoen. Die meetbare veranderingen worden veroorzaakt door bepaalde stoffen die er voor zorgen dat organen en cellen anders gaan functioneren. Zulke stoffen heten ‘biomarkers’. De hartslag of de waarde van de bloeddruk is een biomarker. Maar ook meer gecompliceerde veranderingen  in stukjes weefsel die pas zichtbaar worden na onderzoek in het laboratorium kunnen een biomarker zijn.

WAAROM ZIJN BIOMARKERS BELANGRIJK?

Biomarkers kunnen helpen bij het stellen van een diagnose of het vaststellen van de juiste behandeling, zo ook bij kanker. Een biomarker  kan gedetailleerde informatie geven over het type tumor of stadium waarin de tumor zich bevindt. Deze informatie ondersteunen arts en patiënt in de keuze voor de juiste behandeling tegen de kanker.

PD-L1 BIOMARKER EN LONGKANKER

Een relatief nieuwe ontwikkeling in de behandeling van kanker is immunotherapie. Immunotherapie stimuleert het eigen afweersysteem om kankercellen te vernietigen. Dit concept is door wetenschappelijke onderzoekers, waarvan een aantal werkzaam waren bij de MSD vestiging in Oss, bedacht en verder ontwikkeld. Inmiddels is deze vorm van behandeling geregistreerd voor diverse tumorsoorten.  Zo ook voor de behandeling van uitgezaaide niet‐kleincellige longkanker.

PD-L1 is een eiwit dat zich binnen een  longtumor op een cel kan bevinden.  Wanneer er PD-L1 op de tumorcel zit, kan de tumorcel zich onherkenbaar maken voor het afweersysteem. De behandeling met immunotherapie zorgt ervoor dat de tumorcel weer wordt herkend door het afweersysteem.

HET TESTEN OP PD-L1

Om de mate van PD-L1 expressie te bepalen wordt er een specifieke laboratoriumtest uitgevoerd. Hiervoor wordt een klein stukje tumorweefsel afgenomen (biopt) bij de longkanker patiënt. De patholoog bewerkt vervolgens in het laboratorium het stukje weefsel zodanig dat er kan worden vastgesteld of er sprake is van PD-L1 expressie, en hoe hoog  die is. Met de uitslag van deze PD-L1 test kan de longarts vooraf beter bepalen of de behandeling met immunotherapie zal aanslaan. Samen met de patiënt wordt de uitslag van de test  besproken en wordt het gewenste behandeltraject ingezet.

BIOMARKERS EN GOED GENEESMIDDELENGEBRUIK

Door geneesmiddelen samen met een biomarker, zoals PD-L1 te ontwikkelen, zet MSD zich in voor efficiënt en goed geneesmiddelen gebruik. Als geneesmiddelen doelmatig worden ingezet  kan onder- of overbehandeling worden voorkomen, evenals mogelijke verspilling.  Op die manier  probeert MSD de kosten in de zorg beheersbaar te houden. Biomarkers als PD-L1 maken het mogelijk dat specialisten het juiste medicijn  op het juiste moment  aan de juiste patiënt kunnen geven.